In Numbers we trust

Wetenschap als moderne religie

Data als ritueel

Van Boeddisme, naar Jodendom, Christendom en Islam. Van Druidisme, Wicca, Tao, en mythologie. De mens is eeuwig op zoek naar het begrijpen van onze wereld. Verhalen van Zeus of Thor met Mjolnir die het laat onweren (Griekenland, Noorwegen), de reuzen scarabee (Egypte) die de zon verplaatst, of God die mensen opneemt in de hemel, het zijn allemaal verhalen die ons een uitleg geven bij fenomenen waar wij geen enkele controle over lijken hebben. En dat is een dingetje die controle. Die behoefte aan controle is zo ontzettend sterk in ons mensen. Terwijl het leven ons keihard in het gezicht uitlacht. Net op het moment dat je alles onder controle hebt gebeurt er iets waardoor alles uit je handen lijkt te vallen. Ontslag, overlijden van een dierbare, verliefd worden.

Religie heeft in deze tijden altijd als houvast kunnen dienen. ‘God heeft het zo gewild’ – God is hier vervangbaar door ieder willekeurige religieuze hoofdpersoon. Via rituelen, bidden, altaars opmaken, offeren, en zo veel mogelijk volgens de regels te leven, hopen we de god of goden gunstig te stemmen zodat we zoveel mogelijk pijn bespaard blijven. Maar wat als er steeds meer fenomenen wetenschappelijk worden uitgelegd? Wat voor zin hebben de rituelen als je weet dat een tegenvallend bedrijfsresultaat ontslag tot gevolg kan hebben, vervelende ziektes of ouderdom mensen doen overlijden en liefde een gevolg van hormonen is? Wat voor zin hebben rituelen als de mysterie er af is?

We krijgen meer begrip van onze leefomgeving, maar tegelijkertijd wordt onze grip erop weggenomen.

Ik zal niet de eerste zijn die zegt dat wetenschap kan worden gezien als een moderne vorm van religie. In een toenemend seculiere samenleving keren steeds meer mensen zich tot wetenschap voor antwoorden – kennis die is vergaard met instrumenten die wij zelf hebben ontwikkeld. Het vergaren van deze kennis is echter toegekend aan een kleine groep mensen, net als priesters in een tempel, terwijl het gewone volk het moet doen met de verhalen die er uit voort vloeien. Een belangrijk ding heeft echter lang gemist in de religie van wetenschap. De alledaagse rituelen. De mogelijkheid voor iedereen om zijn/haar leven in eigen hand te nemen. Of in ieder geval een gevoel van controle te hebben over de gunsten van de goden.

De ontwikkeling van de smartphone, en de apps die daarvoor gebouwd zijn heeft echter een keerpunt in dit gemis gebracht. Want niet langer is meten een middel dat alleen beschikbaar is voor de selecte groep onderzoekers (priesters), maar bieden apps ons de mogelijkheid om zelf te meten wat het resultaat van de dag is, hoeveel stappen we hebben gezet, hoeveel en hoe we hebben geslapen – hoe gezond bezig we zijn, en liefde op te zoeken of af te wijzen. Het genereren van data over onze eigen omgeving geeft ons opnieuw de rituelen in handen om de buien van de goden van wetenschap gunstig te stellen.

Wetenschappelijk onderzoek is onze bijbel, koran, of de upanishads van de moderne tijd. Apps zijn de nieuwe altaren waarop data wordt gestald als alledaagse rituelen die ons stimuleren vroom te leven om zo in het Walhalla terecht te komen. En de gemeenschapszin die bij religies hoort? Al deze apps hebben een functie om in contact te komen met anderen, al dan niet via sociale media. Dit wordt gestimuleerd door de kerk van de gamification. Hoe harder, sneller, meer, hoe beter.